Bemiddelen, bezint eer ge begint

Zussen voorbij zusterliefde | Deel 3 |

Ik heb het altijd goed gekund, bemiddelen tussen partijen. Het is een aanleg die ik van mijn voorvaderen heb geërfd; een aanleg waarvoor ik altijd een trotsig gevoel gekoesterd heb, bemiddelen pronkte immers op de lijst der goede deugden. Gaandeweg mijn leven verwerd die vaardigheid tot een tweede natuur. Althans, zo dacht ik. Totdat ik in de nacht van de zussenhereniging ontdekte dat wanneer de intentie achter bemiddelen eigen belang dient, er van deugdelijkheid weinig sprake is. 

Bemiddelen tussen Cherize en Citronella, had ik mij tevoren bezonnen, was ik er niet aan begonnen. 

Lees deel 2
Lees deel 1

Schaduw over de nacht

De waarschuwingsroep van de oehoe echode over de begraafplaats. Viermaal achtereen. Onmiddellijk staakten de krekels het tjirpen en stopten de nachtzwaluwen met trilzingen. Vleermuizen schoten vliegensvlug door de lucht om zich aan de hoogste bomen op te hangen terwijl hun aardse deelnaamgenoten over de paden richting de eerste de beste schuilgelegenheid dribbelden. Hongerige marters braken subiet de inbraakpogingen in anderdiers nesten af en snelden angst uitschreeuwend terug naar hun dagverblijven. Zelfs de wind hield zijn adem in. Want ijzig was de schaduw die over de zwoele nacht neerdaalde toen de zussen Cherize en Citronella voor het eerst in geestelijke verschijning tegenover elkaar stonden. 

De stilte sneed in hun zielen, doch geen van beiden waagde zich aan het eerste woord. Ik zocht naar een opening voor een driegesprek maar was bevangen door de koude blikken die werden uitgewisseld. Beter liet ik het initiatief aan Citronella, zij leek voor de meeste reden vatbaar. Voortdurend was mijn hoop op haar gericht maar het was toch Cherize die als eerste in beweging kwam. Ze tilde haar rok een stukje omhoog en zette twee passen naar rechts. Daarop pakte Citronella ook haar rok vast en volgde de passen in tegengestelde richting zodat de afstand tussen hen gelijk bleef. Voorzichtig schuifelde Cherize naar voren en gleed Citronella gelijkschuifelig naar achteren. Zou een strijkstok langs de snaren van een viool gestreken hebben, dan had ik geloofd dat hier een strijd in een ballet werd uitgevochten, maar ik wist wel beter. Deze schreden werden niet gezet om elkander ten dans uit te nodigen.

Cherize rechte haar rug en blies haar zus katachtig toe. Citronella katte terug. Ditmaal zetten beiden een stap richting de ander, en nog een stap. Cherize hief haar handen tot voor haar gezicht en balde de vuisten, Citronella spiegelde het gebaar. Opnieuw bliezen de zussen voorbij de zusterliefde. Snel sprong ik tussen hen in en strekte mijn armen. Daarop hupten de vrouwen zijwaarts, hun voeten kruisend zoals de Griekse volkeren dansen. Ik volgde om tussenbeiden te blijven en draaide voortdurend in de rondte zodat ik kon zien bij wie de spanning zo hoog opliep dat ze de ander daadwerkelijk bij de kladden ging grijpen. 

‘Loeder!,’ riep Cherize ineens. Ze keek langs mij om haar rivale in de ogen te zien, ‘Ik had nog zoveel om voor te leven.’ 

‘Het ging per ongeluk,’ jammerde Citronella. 

Neutraliteit gevraagd

De zusterwoorden sloegen bij me naar binnen als was er een bliksemschicht door mij heen geschoten. Ik kon even geen pas meer maken. Citronella, de lieflijkheid in citroengele jurk, in wiens oprechtheid ik had geloofd vanaf het moment dat zij voor het eerst haar ogen naar mij opsloeg, had haar zusje naar de hemel verwezen? Dat kon toch niet waar zijn. Als ik had moeten raden wie naar waarheid had gesproken dan zou ik ongetwijfeld het voordeel van de twijfel aan haar gegund hebben. Was ik zo verblind geraakt door haar aantrekkelijkheid? Blijkbaar. Ik had immers een oordeel geveld over Cherize en Citronella’s belangen zwaarder laten wegen. Achteraf beschouwd, een onheuse wijze van bemiddelen. Dat had ik recht te zetten.

Ik keek naar de vrouwen die zich inmiddels bij de schouders hadden gepakt, ze probeerden elkaar onderuit te schoppen. Plukjes haar dwarrelden naar de grond en er werd gekrabd alsof dat in het naleven nog van enig nut was. ‘Dames dames, zo’n gevecht is echt geen oplossing,’ probeerde ik.

‘Hou je erbuiten,’ bitste Cherize, ‘ik maak d’r af!’ 

‘Dat leed is al geleden,’ antwoordde ik. 

‘Kan me niet schelen. Ik vecht door tot het bittere einde.’ 

Wat? Tot in het oneindige? Dat kon ik niet laten gebeuren. Resoluut stapte ik op de vrouwen af, pakte ze beiden bij een arm en haalde ze uit elkaar. Citronella wankelde even op haar benen maar mijn grip hield haar overend. ‘Laten we bespreken hoe de toekomst tegemoet te dansen zonder dat jullie elkaar hoeven te ontmoeten.’ 

Met die gesproken woorden vielen de vrouwenmonden open. Even later zei Cherize: ‘Ach hoor, de zielenredder spreekt tot ons. Jij hebt deze onrust wel veroorzaakt hè.’ 

Citronella maakte zich van mij los en ging recht voor me staan. ‘Ik ben het niet vaak met mijn zus eens, maar in dezen moet ik haar gelijk geven. Jij hebt het conflict opnieuw aangezwengeld door je met ons te bemoeien. Misschien had je even moeten nadenken voordat je eraan begon? Niet elk conflict laat zich binnen een zucht en vloek oplossen. Wat zeg je ons nu Dyamos? Bemiddelen wordt lastig dus laten we terugkeren naar de situatie zoals die was? Daar had je me niet voor hoeven wakker maken.’ 

De verwijten aan mij gericht waren terecht. Had ik hen de dans gelaten op de momenten die zij stilzwijgend met elkaar overeengekomen waren, had er hier geen worsteling plaatsgevonden. Mijn voorstel om opnieuw akkoord te gaan met de situatie, zoals die was voordat ik de zussen bijeengebracht had, was een uiting van zwakte. Ik was teleurgesteld omdat de persoon die ik had willen zien in Citronella’s verschijning onecht leek. Ik moest me schamen, als bemiddelaar hoorde ik mijn eigen gevoelens buiten de beschouwingen te laten. ‘Het spijt me,’ zei ik. ‘Jullie hebben gelijk. Wat ik ben begonnen moet ik ook tot een einde brengen.’ Ik draaide me om en wenkte de zussen me te volgen naar het bankje dat op de plek stond waar de vier hoofdpaden zich kruisten. Ze gingen ieder op een uiterste hoek zitten, zelf nam ik plaats op de wortels van een grote eik, recht tegenover hen. Ik wilde de vinger meteen op de zere plek leggen. ‘Citronella, begrijp ik goed dat jij je zus om het eh… om het le…’  

‘Om het leven hebt gebracht?’ vulde Cherize mij aan. ‘Ja Dyamos, dat begrijp je goed. Citronella heeft mij van haar dakterras geduwd.’ 

‘Dat is niet waar,’ riep Citronella. ‘Ik heb jou niet geduwd.’ 

‘Lieg niet!’ 

‘Ik lieg niet.’

Ik keek naar Citronella en knikte dat het haar tijd was om verhaal te doen.

‘Luister,’ zei ze, ‘op die bewuste avond belde Cherize bij mij aan. Daar schrok ik heel erg van want ik had haar al jaren niet gezien of gesproken. Ze zei dat ze met me wilde praten, maar het verleden had mij geleerd dat Cherize praten interpreteerde als een ander de les lezen. Ik zei dat ze weg moest gaan. Toen zette ze een voet tussen de deur. Ik gooide ik mijn hele lichaam in de strijd maar Cherize was vastbesloten en wurmde zich een weg naar binnen toe.’ Citronella’s keek naar de grond. ‘In de woonkamer ontstond zo’n zelfde gevecht als waar je daarnet getuige van was. Het werd alleen veel heftiger, zo heftig dat ik er bang van werd. Ik vluchtte naar het dakterras. ‘Ze stond op en ging op haar knieën voor me zitten zodat ze me recht in de ogen kon kijken. ‘Ik liet daar net verbouwen, Dyamos. Er was nog geen nieuwe omheining aangelegd.’

‘En toen?’

‘Wat ik me kan herinneren is dat Cherize in mijn rug sprong en ik mijn evenwicht verloor. Daarna werd het donker.’ Ze richtte zich tot haar zus. ‘Ik heb jou niet omgelegd, dat weet je best. We zijn samen ter aarde gestort.’ 

Ik zuchtte van verlichting. ‘Ah… een ongeluk.’ 

Cherize sloeg haar benen over elkaar en leunde ietsje naar voren. ‘Wie heeft er nou een dakterras zonder omheining?’

‘Waarom heb je me dat niet verteld?’ vroeg ik Citronella. 

Ze haalde haar schouders op. ‘Ik wilde het ongeluk zo snel mogelijk vergeten denk ik. Maar ja, toen ze daarnet voor me stond namen mijn emoties de overhand.’ 

‘Heb ik het niet gezegd?’ kwekte Cherize. ‘Als je de boosheid opgraaft, houd je er een zure nasmaak aan over.’

‘Boosheid omdat jij de liefde van haar leven wegkaapte Cherize, dat vergat je mij te vertellen zeker?’ De woorden ontglipten me alvorens ik neutrale gedachten kon denken.

‘Staat er in de statuten geschreven dat wie hier neerstrijkt haar ziel moet blootgeven aan hij die ongevraagd zijn mening spuit over leven dat niet meer terug te draaien is?’

Toch nog in gesprek

Rake woorden van Cherize, het was mijn plaats helemaal niet om haar ter verantwoording te roepen. Om mij bij het bemiddelen te laten leiden door mijn hart was eveneens ongehoord. Ik stond op en stak mijn hand uit om haar mijn excuses aan te bieden. Alweer. Na een tijdje accepteerde ze en kon ik vragen naar de aanleiding van het gevecht dat geleid had tot hun beider dood. Citronella ging terug op het bankje zitten. Ze vertelde dat ze de spanning tussen hen van kinds af aan gevoeld had. Ze waren weliswaar in hun jeugdjaren altijd samen geweest, maar er was geen dag voorbij gegaan zonder tweestrijd of competitie. 

‘Dat was ook zo,’ gaf Cherize toe. ‘Maar dat kwam omdat jij altijd werd voorgetrokken thuis. Ik moest voor mijn positie vechten.’ 

Daarop brandden de zussen los. Bij de geboorte van Cherize had hun moeder het leven gelaten, vader had de schuld bij de jongste dochter neergelegd. Hij hekelde haar en liet geen gelegenheid voorbijgaan om dat te laten blijken. Zo schroomde hij niet om de prestaties van Citronella tot in de hemel te prijzen, ook als ze weinig voorstelden. “Aan Citronella,” zo zei hij tegen Cherize, “kun je een voorbeeld nemen.” Cherize hoopte dat wanneer zij beter zou presteren dan haar zus, zij ook de liefde van haar vader kon verdienen. 

‘Liet je me daarom alle hoeken van de kamer zien?’ 

Cherize beet even op haar lip. ‘Ik wilde je betaald zetten voor wat je me had aangedaan.’ 

Daarop sprong Citronella weer van het bankje. ‘Ik jou? Hoezo? Ik was toch niet verantwoordelijk voor het onderscheid dat thuis werd gemaakt? Ik probeerde juist de vaderliefde die jij miste met zusterliefde te compenseren, maar die wilde je niet hebben.’ Verdrietige tranen rolden tot over haar lippen. 

Ik onderbrak de discussie. ‘Ieder kind heeft recht op evenveel ouderliefde, Citronella. Als die niet gegeven wordt kun je als zus zijnde dat gemis onmogelijk compenseren. Evenmin kun je de boodschap verzachten van degene die liefde moet geven maar het niet doet, of er niet toe in staat is.’ 

‘Welke boodschap?’ vroeg ze. 

‘De boodschap van de liefde niet waard zijn,’ antwoordde ik. ‘Wie die boodschap van kinds af aan meekrijgt is niet staat om van zichzelf houden, laat staan van een ander. Cherize heeft enkel van afwijzing en afkeuren geleerd. En met afwijzing en afkeuren heeft ze zich gewapend om anderen op afstand te houden opdat zij die pijn nooit meer hoeft te voelen.’ 

‘Ja..ha..’ hakkelde Cherize, ‘zo is het. Eindelijk iemand die het begrij-hijpt.’ Ze wendde zich tot haar zus. ‘Iedereen hield van jou. Va-hader, moeder die ik niet gekend heb, onze ooms en tantes, je had vriendinnen en vriendjes en… en op latere leeftijd kozen ook de mannen voor jou.’ Ze trok een haarlok over haar schouder en begon aan de puntjes te friemelen. ‘Ik wilde een keer hebben waar jij nooit moeite voor hoefde te doen. Een keer Citronella, om te ervaren wat jij voelde. Daarom zette ik alles op alles om de liefde van je leven te stelen. En dan zou jij voor een keer…,’ ze slikte nog een paar tranen weg, ‘voor een keer hartzeer hebben, zoals ik dat altijd gevoeld had. Begrijp je?’ 

‘Een beetje, denk ik.’

Van een samendans niet geschreven

Die nacht werd gesproken totdat de maan haar plek aan de zon liet. Zo vaak als de zussen in elkaars armen vielen, zo vaak dreef onenigheid over voorvallen in vergane tijden hen ook weer uiteen. Er was veel onverwerkt verdriet om over te rouwen, maar deze nacht had mij geleerd dat de zussen het mettertijd gingen redden samen. Er was niet langer een derde nodig om te bemiddelen. Moesten ook de zanglijsters gedacht hebben toen de ochtend tot leven kwam. Samen met de merels, pimpelmezen en kwikstaarten landden ze voor onze voeten. Even later streken de mussen en roodborstjes neer. Een concert om de goede afloop te bezingen? Een heel aangename verrassing

Bij het klinken van de eerste fluittonen staarde ik in de ogen van Citronella waarin de sterren schitterden als een dag tevoren. Ze lieflachte mij toe. Cherize zag het gebeuren en keek haar zus onthutst aan, daarna keek ze op naar mij. Onmiddellijk werd ik mij bewust van mijn positie. Ik boog het hoofd en zette een paar passen achteruit. 

Citronella kwam overend. ‘Fijn dat je hebt willen bemiddelen Dyamos. Maar het is goed nu, je taak hier is gedaan. Dankjewel.’ Ze wierp mij nog een handkus toe en koos toen definitief voor zusterliefde. Ze pakte Cherize bij de arm, trok haar van het bankje en nodigde haar uit voor een samendans. 

Zo graag had ik willen verhalen over de vredesdans van Citronella en Cherize. Maar zie, dat schouwspel was mij niet gegund. Bij het zetten van hun eerste danspassen werd ik namelijk op mijn schouders gesnaveltikt. Ik keek opzij en blikte in de parelende oogjes van de spreeuw. Om zijn snavel hing een geniepig lachje. Heel voorzichtig streek hij met zijn verig spikkelkopje langs mijn gezicht, zo zacht dat het kriebelde. Wat toen geschiedde laat zich raden. 

Met genoegen, 

Dyamos…✍🏼 

Dyamos

De dromer droomt dromen, ontwaakt en slaapwandelt over bekende paden

De wakkere is uitgeslapen en bewandelt gedroomde paden

2 gedachten over “Bemiddelen, bezint eer ge begint

    1. Beste Niek,

      Eenieder kent gekibbel in het leven, zij het niet met anderen dan toch zeker met zichzelf. Alter-ego’s ? Neen, zo waren ze niet bedoeld.

      Met genoegen,

      Dyamos

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.